Meten = Weten

 

Vooraleer mogelijke maatregelen in te voeren, is het van belang te weten welke en hoeveel afvalstoffen en emissies in uw bedrijf vrijkomen. Neem daarom regelmatig de stand van elektriciteits-, gas- en watermeters op en inventariseer ook de afgevoerde hoeveelheden afval.

Klik hier om een praktische werkblad te downloaden waarmee u het meten en registreren van uw milieugegevens in orde kan brengen. U kan daarbij gebruik maken van de volgende invulbladen:

  • Bedrijfsafval
  • Elektriciteit
  • Gas/stookolie
  • Water

Bedrijfsafval

Ieder die afvalstoffen voortbrengt moet een afvalstoffenregister bijhouden. Het VLAREA legt alleen op welke gegevens in het register moeten staan, maar bepaalt niet de vorm ervan. Alles kan dus: op papier, in elektronische vorm, ...

Echter, niet alleen de hoeveelheden en soorten afval verdienen aandacht, maar ook de échte kosten van uw afvalstoffen. Hiervoor zult u naast de kosten (of opbrengsten) voor het afvoeren (externe kosten - facturen en creditnota's van de afvalophaler) ook de interne kosten in beeld moeten brengen. Denk bij deze interne kosten bijvoorbeeld aan het verlies van grond- en hulpstoffen. Tenslotte is al het afval ooit ingekocht en heeft u net zo veel betaald voor het niet verkochte (en dus vaak weggegooide) als voor het wel factureerbare product. Een tweede interne kostenpost is het verlies aan toegevoegde waarde. Afvalstoffen die in de container terechtkomen en afkomstig zijn van door het bedrijf aangekochte grond- en hulpstoffen, hebben dikwijls al een deel van het productieproces doorlopen. De kosten die daarmee gepaard gaan (machine-uren, manuren, energiekosten, ...) zijn daarmee ook verloren. Tenslotte dienen ook de interne behandelingskosten voor het afval (manuren voor het ophalen en behandelen van het afval, energieverbruik perscontainer, ...) te worden meegerekend in de totale afvalkosten. Uit onderzoek blijkt dat de factuurkosten (en -opbrengsten) gemiddeld slechts 10% uitmaken van de totale afvalkosten.

Elektriciteit

Breng aan de hand van uw factuurgegevens uw elektriciteitsverbruik en -kosten in kaart (elektriciteit tijdens nachturen, verbruik daguren, piekvermogen, cos ø). Nadat u inzicht heeft verworven in de jaar- of maandgegevens, kan u ook proberen een energiebalans op te stellen. Probeer zelf een inschatting te maken van de grootste elektriciteitsverbruikers binnen uw bedrijf. Denk daarbij aan machines en afzuiginstallaties, perslucht, verlichting, e.d. Let hierbij wel op dat u voor het apparaatvermogen het gemiddelde vermogen neemt, omdat veel apparaten niet altijd werken op het volledig vermogen. Ook zijn er losse tussenmetertjes voorhanden, waarmee u eenvoudig tijdens een bepaalde representatieve tijdspanne het verbruik in de praktijk kunt meten.

Gas/stookolie

Ook het gas- en stookolieverbruik en -kosten kunnen aan de hand van uw meterstanden of factuurgegevens worden geïnventariseerd. Indien gas/stookolie worden gebruikt voor ruimteverwarming, dan geeft het gasverbruik per graaddag en per verwarmde oppervlakte een goede indicatie van de efficiëntie van uw verwarmingsinstallatie. Elke graad die de gemiddelde etmaaltemperatuur beneden de 16,5 °C ligt wordt een graaddag genoemd. Een gemiddelde etmaaltemperatuur van 16 °C levert dus een halve graaddag op (16 – 16,5). Een overzicht van de graaddagen vindt u op http://www.gasinfo.be/graaddagen.htm.

Water

Waterverbruik kost meer dan alleen de facturen die u aan de waterleidingmaatschappij betaalt. Vergeet ook niet de lozingsheffing, grondwaterheffing, eventuele analysekosten op uw water (bv. in kader van legionella) en afvalwater, behandelingskosten (waterontharder, anti-corrosieproducten, kosten voor waterzuivering, ...) en dergelijke in rekening te brengen. Indien water enkel voor sanitair gebruikt wordt, is het waterverbruik per personeelslid een goede indicator. Indien water ook voor de productie verbruikt wordt, relateert u het verbruik en de kosten best aan de omzet of de productie.